Historie
Van welke kant je Moerkapelle ook nadert, niemand hoeft zich af te vragen waar de dorpskerk zich bevindt. Van ver is het bouwwerk met zijn spitse toren te zien, te meer ook omdat de kerk op een terp is gebouwd. Sinds 1667 torent de kerk boven de bebouwing uit en zorgt daarmee voor het karakteristieke dorpsgezicht.
Het huidige gebouw is niet de eerste kerk geweest. Hiervoor heeft er een kapel gestaan die waarschijnlijk rond 1600 in gebruik genomen is. Van deze kapel is weinig bekend. Vermoedelijk staat hij in het oude dorpswapen van vóór 1817 afgebeeld. De kapel deed na de bouw van de huidige kerk dienst als schoolgebouw en later als boerenwoning totdat hij omstreeks 1900 is verwoest.
Met de bouw van de huidige kerk is in 1662 een aanvang gemaakt. Nieuwbouw was nodig omdat de gemeente zich enorm uitbreidde en de ruimte te klein werd voor het aantal kerkgangers. De verkregen subsidies waren ontoereikend om de bouw te bekostigen. Daarom werd er op twee plaatsen tol geheven en moest er een lening afgesloten worden. Er is vijf jaar aan de kerk gewerkt voordat deze in 1667 in gebruik genomen werd.
Door middel van indirecte bewijsvoering kan worden aangetoond dat de bekende bouwmeester Pieter Post de architect is geweest. De nuchtere en betrekkelijk sobere bouwstijl (Hollands classicisme) is kenmerkend voor zijn tekenwerk. De kerk is een zogenaamde zaalkerk met een rechthoekige plattegrond die aan de oostzijde half-zeshoekig afgesloten wordt. In het midden van de voorbouw rijst de toren omhoog. Tussen de steunberen zijn hoge rondboogvensters aangebracht. Het bouwwerk heeft een zeer hoog, met leien bedekt dak. Achterop de kerk heeft in het verleden een windvaan gestaan in de vorm van een engel met bazuin. Ook de gebrandschilderde glazen zijn verdwenen. Deze ramen vielen vaak ten prooi aan jeugdige vandalen aan het begin van de 19e eeuw. Daarom werd met de grote onderhoudsbeurt van 1831 besloten de glazen met de complete ramen te verwijderen. Er is geen spoor meer van overgebleven.